š De exponentiĆ«le to-do list
Is alles kunnen gelijk aan alles moeten?
De belofte van AI is lekker op je reet zitten terwijl de machine het werk doet. Nou⦠bij mij ziet dat er heel anders uit. Mijn to-do list explodeert. Juist dóór AI.
Vroeger waren veel ideeĆ«n vrijblijvend. Leuke gedachten onder de douche, op de fiets, midden in de nacht. Je dacht: dat zou mooi zijn. En dan ging je weer door met je dag, omdat het uitwerken ervan weken, maanden of een klein fortuin aan tijd en energie zou kosten. Maar nu? Nu fluister je een idee tegen een AI en tien minuten later heb je een eerste versie. Een prototype. Een outline. Een begin. Of zelfs meerā¦
En zodra een idee uitvoerbaar voelt, verandert er iets in je hoofd. Het is niet meer zomaar een gedachte. Het wordt een mogelijke verplichting. Een mini-project dat zachtjes aan je mouw trekt en fluistert: āMaar je kĆŗnt het toch? Waarom doe je het dan niet?ā
En zo heb ik opeens een exponentiƫle to-do list.
Het verdwijnen van frictie
Een groot deel van de oude wereld bestond uit frictie. Een idee hebben was ƩƩn ding, maar het uitwerken, onderzoeken, schrijven, ontwerpen, programmeren of testen was duur. Duur in tijd, energie en vaardigheden die je vaak niet had. Juist die frictie hield ons in balans. Ze was een natuurlijke filter tussen droom en daad.
AI heeft die filter grotendeels weggenomen. Niet alleen vergroot AI mijn output, het vergroot ook mijn innerlijke verplichtingsgevoel. Niet omdat ik meer moet, maar omdat mijn brein voelt dat ik meer kan. En dat ākunnenā is verraderlijk. Want elk uitgevoerd idee genereert direct drie nieuwe zijpaden. Het is geen lijst meer. Het is een hydra: hak ƩƩn taak af, en er groeien twee nieuwe koppen aan.
De hebzucht van het brein
Maar waarom doen we dit onszelf aan? Ik denk dat er een vorm van hebzucht meespeelt die we zelden benoemen. Geen materiƫle hebzucht, maar cognitieve. We willen sneller zijn, beter, meer leren. We willen kapitaliseren op onze voorsprong. En AI voedt die neiging als een versterker op een gitaar die al hard genoeg stond.
āIk kan nu ook een app-bouwer zijn,ā denk je. āEn een illustrator. En een data-analist. En een podcastmaker.ā AI voedt de illusie dat we alles kunnen zijn. En in die roes vergeten we iets essentieels: iemand te zijn.
We leven in een tijd waarin het moeilijker is om iets niet te doen dan om het wel te doen. Dat is nieuw. Ongekend. En daar is geen handleiding voor.
Het onafwerk dat nooit slaapt
Vroeger werkte je op je werk. Punt. Met het mobiele kantoor veranderde dat. Met corona helemaal. Maar AI tilt dit naar een heel nieuw niveau.
Een recente meta-analyse laat zien dat onafgemaakte taken mentaal aan ons blijven trekken, vooral in de vorm van wat onderzoekers affectieve ruminatie noemen. Dat is een duur woord voor iets dat je herkent: dat knagend gevoel ās avonds op de bank dat er nog iets ligt dat āeigenlijk best kan.ā Onaf werk is als een app die je niet afsluit: hij draait door op de achtergrond en vreet je batterij leeg.
En AI maakt dit erger. Het is je eigen brein, gevoed door de wetenschap dat uitvoering nu goedkoop is en zoveel mogelijk maakt.
Mijn exponentiƫle to-do list is een zwerm ideeƫn die voortdurend rondklotst in mijn hoofd. In mijn slaap. En in alles daartussen.
Sterker nog: het Ćs niet eens meer een lijst. Het is iets anders geworden.
Een cognitieve laag buiten je schedel
In mijn boek Golven van Overvloed beschrijf ik de antroposfeer: alles wat de mensheid heeft gemanifesteerd. Alle instrumenten, bouwwerken, steden, culturen, data en netwerken. Inclusief dus het gehele culturele cognitieve universum. En net als het echte universum dijt het uit in een accelererend tempo.
Wat ik nu ervaar, past precies in dat plaatje. Ik ga van ƩƩn āsecond brainā (applicaties als Notion, MyMind, Notebook LM) naar een heel ecosysteem van externe breinen. LLMās vormen daarin een soort mega-uitbreiding van mijn denkvermogen. Ik denk niet meer alleen in mezelf. Ik denk tegen de machine. Mijn brein orkestreert, maar het instrument is groter geworden dan de dirigent.
De mens krijgt een cognitief exoskelet.
Stel je vier regimes van menselijke cognitie voor, als lagen die door de geschiedenis op elkaar zijn gestapeld:
1. Het reptielenbrein. Overleven, alertheid, instinct. Miljoenen jaren oud en nog altijd de baas als het spannend wordt.
2. Het zoogdierenbrein. Emotie, hechting, sociale afstemming. Alles waardoor we als groep functioneren en om elkaar geven.
3. Het mensenbrein. Taal, planning, verbeelding, zelfbewustzijn. Het gereedschap waarmee we betekenis geven aan de wereld.
4. Het kunstmatige brein. Computers, internet, AI, agents, second brains. De connected laag die nu explodeert.
Die vierde laag is in een paar decennia ontstaan. De eerste drie hadden miljoenen jaren nodig. Wat de natuur in eonen opbouwde, bouwen wij er nu in een mensenleven bovenop. We verschuiven van internal cognition naar wat je interface cognition zou kunnen noemen. We denken niet meer vanuit onszelf, we denken in dialoog met systemen die groter zijn dan wij.
Het gevaar? Dat ons eigen brein slechts de āorkestratorā wordt. Een manager die zelf niet meer kan spelen. Maar is dat werkelijk een gevaar? Of is het simpelweg de volgende stap in onze evolutie? Zoals we ooit leerden schrijven om te onthouden, en rekenmachines bouwden om te berekenen, zo bouwen we nu AI om te denken. Sturen we bewust wat we uitbesteden en wat we koesteren?
De superskill: leren niet(s)-doen
In een wereld waarin je alles kunt, is de belangrijkste vaardigheid: kiezen wat je niet doet.
In Golven van Overvloed schrijf ik over meditatie als de ultieme tegenkracht. Over het trainen van je aandacht, het herkennen van je gedachtenpatronen, het leren filteren van de druk van de antroposfeer. Dat klinkt misschien soft in een wereld die draait op productiviteit. Maar het is precies het tegenovergestelde van soft. Het is keiharde discipline.
Vroeger moest je ideeƫn doden omdat ze niet lukten. Omdat de technologie er niet was, het geld ontbrak, of de tijd op was. Dat was jammer, maar draaglijk. Nu moet je ideeƫn doden waarvan je weet dat ze zouden kunnen slagen. Dat is kill your darlings op een heel ander niveau. Niet het loslaten van iets wat niet werkt, maar het loslaten van iets wat wƩl zou werken. Omdat je weet dat je aandacht eindig is, ook al is je potentiƫle output dat niet meer.
Misschien hebben we geen to-do list nodig, maar een to-decide list.
Oftewel: welke ideeƫn verdienen het om onderdeel van mijn leven te worden? Welke projecten krijgen mijn aandacht, mijn energie, mijn zorg? En welke mag ik met liefde laten sterven, wetende dat ze ergens in het universum van mogelijkheden prima zonder mij verder kunnen?
Discipline is waardevoller geworden dan inspiratie. Want inspiratie is overal. Het stroomt uit elke prompt, elk gesprek met AI, elke notificatie. Maar discipline, de kracht om bewust nee te zeggen tegen een goed idee, dat is zeldzaam. Dat is de echte menselijke super-skill. Als je hem onder controle hebt tenminste. Iām working on it :)
Lummelen dus!
Lummelen is geen luiheid meer. Het is een daad van zelfbehoud tegen de exponentiĆ«le druk van de machine. Tegen de eindeloze stroom van āmaar dit kan ook nog.ā Tegen je eigen brein dat maar blijft fluisteren dat je achterloopt als je even stilzit.
In mijn boek schrijf ik over de kracht van meditatie. Hoe het je leert om de druk van de antroposfeer te filteren, zodat je ruimte creƫert voor rust. Hoe je leert dat je niet je gedachten bent. Dat je aandacht het meest waardevolle geschenk is dat je kunt geven, aan jezelf en aan anderen. In een wereld van overvloed is aandacht de laatste schaarse grondstof.
Maar er is ook goed nieuws. Misschien wel het beste nieuws ooit.
Je bent alleen gelimiteerd door je verbeelding.
Dat schreef Einstein al, maar die woorden zijn nu meer waar dan ooit. Nooit eerder in de geschiedenis, voor zover we weten, had de mens zoveel potentie om ideeƫn werkelijkheid te maken. Dat vergt wat van onze breinen. Het vergt in ieder geval dat we leren surfen. En als surfer weet je: je hebt maar ƩƩn golf nodig. Niet tien tegelijk. EƩn golf. Pak hem, geniet ervan en als hij uitgerold is, peddel je terug en wacht je op de volgende. Dat is de surf mindset. Niet alles willen rijden, maar bewust kiezen welke golf de jouwe is.
Af en toe de machine uitzetten en luisteren naar de stilteā¦
Want in die stilte, daar ontstaan de ideeĆ«n die er echt toe doenā¦



