⬆️ Ben jij links of rechts?
Verkeerde vraag
“Ben jij links of rechts?”
Ken je die vraag? Ik raak er altijd van in de war. Niet omdat ik geen mening heb. Maar omdat de vraag voor mij niet werkt.
Ik ben zeker sociaal ingesteld. Ik geloof in verbinding, zie mensen als kuddedieren, en geloof in een evolutie richting iets groters dan het individu. Zeker bij het delen van overvloed is een sociale mindset essentieel.
Maar ik geloof ook in de kracht van het individu. Op zijn Nietzscheaans: laat talent floreren. Een groep is opgebouwd uit individuen. Hoe beter die functioneren, hoe sterker het geheel. En groei is doorgaans goed. The tide lifts all boats. Hoe meer taart, hoe meer te verdelen.
Maar waar zit ik dan? Links? Rechts? In het centrum? Dat centrum voelt al snel als een politieke wachtkamer. Saai, suf, en doet me denken aan het CDA, waar die C me dan ook nog eens irriteert. Nee, kiezen wat ik ben op het politieke spectrum is voor mij niet zo binair.
Een kort leven van een verouderd kompas
Misschien helpt het om terug te gaan naar waar die termen vandaan komen. Links en rechts als politieke begrippen zijn ontstaan in 1789, tijdens de Franse Revolutie. In de Nationale Vergadering gingen de aanhangers van de koning rechts zitten, de aanhangers van verandering links. Dat was het. Een zitplaats in een zaal. Eén moment in de geschiedenis dat uitgroeide tot een wereldwijd denkraam.
In de negentiende eeuw kreeg die tweedeling meer lading. Links stond voor arbeidersrechten, gelijkheid, collectieve actie. Rechts voor traditie, eigendom, hiërarchie. In de twintigste eeuw verschoof het opnieuw: links werd progressief en sociaal, rechts werd markt en vrijheid. En telkens als de wereld veranderde, probeerden we die twee stoelen opnieuw te schikken.
Maar op een gegeven moment past de zaal niet meer bij de vragen die we stellen.
Dat moment is nu.
Want wat mij écht bezighoudt, is de toekomst. Educatie, kaizen, elke dag een stukje beter, experimenteren, innoveren, vernieuwen, leren, leven en verbeteren. Vind dat maar eens terug op het politieke spectrum. Ik ken geen partij die op haar verkiezingsposter zet: “wij geloven in exponentiële groei en een zachte landing voor iedereen.” En toch is dat precies het gesprek dat we zouden moeten voeren.
En toen was daar hulp uit onverwachte hoek.
FM-2030
Onlangs stuitte ik via het fantastische boek Het verraad van de verlichting van Maarten Boudry op een bijzonder persoon: FM-2030. Zijn echte naam: Fereidoun M. Esfandiary. Belgisch geboren, Iraans-Amerikaans futurist, schrijver, docent, en een van de vroegste denkers binnen het transhumanisme.
Die naam trekt sowieso meteen de aandacht. En niet in de laatste plaats omdat Innovation Network is in 2046, een knipoog naar het punt in de toekomst dat de singulariteit symboliseert. FM-2030 nam zijn naam aan omdat hij traditionele namen zag als etiketten van afkomst, religie en nationaliteit. Een koffer vol aannames die iemand meezeult zonder er om te hebben gevraagd. Hij geloofde dat de periode rond 2030 een kantelpunt zou worden waarin mensen veel langer zouden leven en de dood misschien technisch uitgesteld zou kunnen worden. Ik ben meteen fan :)
Maar waar ging ik nou helemaal op aan?
Zijn kernidee. FM-2030 stelde dat veel van onze klassieke categorieën langzaam verouderen: links versus rechts, natie, traditie, vaste identiteit, zelfs de grenzen van het menselijk lichaam. In zijn boek Up-Wingers: A Futurist Manifesto uit 1973 (!) zette hij daar een nieuwe tegenstelling tegenover: up-wingers versus down-wingers.
Up-wingers richten zich op de toekomst, technologie, experiment en groei. Down-wingers kijken meer naar behoud, verleden, begrenzing en aardegebonden orde.
De echte politieke breuklijn, zo betoogde hij, loopt niet van links naar rechts. Die loopt van boven naar beneden.
De kameel, de leeuw en het kind
Nietzsche beschreef in Also sprach Zarathustra drie typen mensen op hun weg naar groei: de kameel, die braaf draagt wat hem opgelegd wordt; de leeuw, die vecht tegen de bestaande orde; en het kind, dat vanuit onschuld opnieuw begint.
In mijn boek Golven van Overvloed gebruik ik deze drie figuren om te beschrijven hoe mensen omgaan met technologische verandering. De kameel wil dat alles blijft zoals het was. De leeuw vecht ertegen. Het kind omarmt het spel.
Nietzsche keek neer op zowel het socialisme van zijn tijd, gelijkheid als middelmaat, als op het conservatieve nationalisme dat het verleden verhief boven de toekomst. Zijn onderscheid was niet links of rechts. Het was: wie groeit versus wie bevriest.
FM-2030 dacht precies hetzelfde, maar formuleerde het anders. En samen raken ze aan een thema dat nu actueler is dan ooit: politiek draait steeds minder om economie of oude ideologische kampen, en steeds meer om de vraag hoe je naar verandering kijkt.
De echte provocatie
Het klassieke onderscheid tussen conservatief en progressief gaat over tempo. Hoe snel mag de wereld veranderen? Maar het onderscheid tussen up en down gaat over iets fundamenteel anders: de richting. En dat zijn twee volkomen verschillende assen!
Er zijn progressieven die down-wingers zijn. Neem de degrowth-beweging: een overtuigd-linkse stroming die pleit voor krimp van de economie, minder produceren, minder consumeren, terug naar lokaal en kleinschalig. Gevoed door hele nobele zorgen om klimaat en planeet. Politiek uiterst progressief. Maar qua richting onmiskenbaar: naar beneden. Minder, niet meer. Begrenzen, niet uitbreiden.
En er zijn conservatieven die voluit up-winger zijn. De techno-libertariërs van Silicon Valley, de transhumanisten, de longevity-enthousiastelingen. Denk aan iemand als Bryan Johnson, die in 2013 zijn bedrijf voor 800 miljoen verkocht aan PayPal en sindsdien zijn eigen lichaam gebruikt als testlab om veroudering terug te draaien. Ik noem hem een moderne Benjamin Button. Meer dan honderd pillen per dag, elk aspect van zijn leven gemeten. Is dat links of rechts? Geen van beide. Het is puur omhoog. Maar wel, en daar zit de wrijving, vooralsnog voor een hele kleine groep.
De klassieke indeling klopt dus al helemaal niet meer. Up versus down is een fundamenteel andere lens. Open versus gesloten. Toekomstgericht versus behoudend. Expansie versus begrenzing. Techno-optimisme versus techno-scepsis. Dat voelt relevanter dan de vraag of je op de linker of rechterflank van een negentiende-eeuwse barricade staat.
Up, maar niet blindelings
FM-2030 was extreem consequent in zijn levenshouding. Hij wees vaste labels af, noemde zichzelf een global person, en werd na zijn dood in 2000 cryonisch geconserveerd bij Alcor, in de hoop dat toekomstige technologie hem ooit zou kunnen herstellen. Biologische grenzen zijn niet definitief, dacht hij. En dat is precies wat ik beschrijf in Golf 5 van Golven van Overvloed. De groei van de mens. DNA-editing, longevity, de homo cyborg, het uploaden van bewustzijn. FM-2030 schreef dit in 1973. Hij was een radicale optimist die met zijn tijd ver vooruit was, en tegelijkertijd zijn tijd al achter zich had gelaten.
Maar hier wil ik wel iets toevoegen. Want bij FM-2030 is vooruitgang bijna moreel goed op zichzelf. En zo ver wil ik niet gaan.
Groei is goed, ja. Maar groei vereist ook nieuwe morele perspectieven. Macht, ongelijkheid, misbruik, sociale ontwrichting: ze liggen altijd op de loer wanneer technologie harder rent dan ethiek. Groei zonder morele flexibiliteit is gevaarlijk.
Dat is wat ik toevoeg aan zijn gedachtegoed: je kunt niet up-winger zijn zonder ook na te denken over wat je meeneemt en wie je achterlaat. Omhoog gaan is pas echt omhoog als iedereen mee kan.
Dus…
Wie richt de Onwards and Upwards partij op? Mijn stem heb je.
Tot die tijd, als iemand vraagt of ik links of rechts ben, heb ik mijn antwoord klaar.
Patrick


